Zuidelijke bronlibel - Cordulegaster bidentata

ln tekstfoto224

Areaal

Cordulegaster bidentata is beperkt tot het middengebergte in Centraal- en Zuid-Europa en vertoont een sterk versnipperd verspreidingsgebied. Het areaal reikt van de Pyreneeën, over het midden en oosten van Frankrijk (Cevennes, Centraal Massief, Jura, Lorraine) tot België in het noorden, oostwaarts over Midden-Duitsland tot Zuid-Polen (Karpaten, Tatra), en zuidwaarts over Roemenië tot de Balkan (Griekenland) en Zuid-Italië, met inbegrip van Sicilië.

 

Waarnemingen

 

ZuidelijkeBronlibelM Oostenrijk TimRaats 

mannetje - Oostenrijk
@Tim Raats

 

Verspreiding in België (2006)

Uiterst zeldzaam. Is in België altijd al beperkt geweest tot de regio ten zuiden van Samber en Maas. Waarnemingen zijn afkomstig uit de bosrijke Sinemuriaancuesta (Buzenol, Ethe, Lahage,…) in de Lorraine, de noordelijke rand van de Ardennen (Mirwart, Daverdisse, Amonines, Erezée) en de Condroz (Godinne, Colonster). De soort is allicht minder zeldzaam dan vermoed maar ze vertoont een zeer discreet gedrag waardoor waarnemingen deels van het toeval afhangen.

 

Evolutie van de verspreiding

Van C. bidentata zijn zeer weinig oude gegevens, waardoor het niet mogelijk is om een beeld te schetsen van de vroegere verspreiding. Selys noemt ze vrij algemeen in het bos van Colonster in 1834 en 1835, maar vermeldt erbij dat ze er nadien niet meer werd waargenomen. Verder zijn er nog 2 gegevens uit 1900 van de regio Luik en uit de noordelijke Lorraine. Uit de periode 1950-1979 dateert er slechts één gegeven uit de omgeving van Namen. De laatste decennia blijkt ze in verschillende regio’s toch aanwezig zijn. Eerst werd ze gevonden in de Lorraine (begin jaren ’80), dan in de Ardennen (begin jaren ’90) en pas sinds 1996 in de Condroz (Luik, Namen). Vermoedelijk is C. bidentata steeds aanwezig geweest op de huidige vindplaatsen, maar door haar discreet gedrag en de specifieke habitat wordt ze soms lange tijd niet opgemerkt. Misschien is de verspreiding sinds de 19de eeuw niet gewijzigd (getuige de terugvondst te Colonster na 150 jaar) maar zijn de aantallen kleiner geworden gezien de veranderingen in het bosmilieu.

 

ZuidelijkeBronlibel Oostenrijk TimRaats

mannetje - Oostenrijk
@Tim Raats

 

Habitat

De biotoop bestaat uit zeer kleine beekjes, bronbeekjes en 'crons', dit zijn zeer kleine beekjes die gekenmerkt worden door afzetting van kalksteen, wat aanleiding geeft tot kalksteenformaties, uit de Lorraine, zowel op zure als kalkrijke bodem maar steeds in een bosrijke omgeving (in het bijzonder loofbos met eik en berk).

 

Fenologie

De vliegtijd van de Zuidelijke bronlibel gaat van half juni tot eind augustus, met de grootste aantallen tussen half juni en eind juli. Vliegt blijkbaar later in de Ardennen dan in de Lorraine. Uiterste data zijn 16 mei en 31 augustus.

 

Literatuur

Van Mierlo (1982), Ide et al. (1992), Coppa (1998).