Rivierrombout - Gomphus flavipes

ln tekstfoto224

Areaal

Gomphus flavipes heeft een groot verspreidingsgebied dat reikt van Midden- en Oost-Europa tot Oost-Siberië. De noordgrens gaat door Noord-Duitsland, Polen, de Baltische Staten en verder oostwaarts. De zuidelijkste vindplaatsen in Europa bevinden zich in Noord-Italië (Po-vlakte) en in Noord-Griekenland. Het areaal moet vroeger ook geheel West-Europa hebben omvat. Getuige daarvan zijn bv. de relictpopulaties langs de Loire en Allier in Frankrijk. De laatste 10 jaar is de Rivierrombout aan een sterke westwaartse areaaluitbreiding bezig en werd ze ondertussen in grote delen van Duitsland gevonden. Ook in Nederland wordt deze soort sinds 1996, na een afwezigheid van meer dan 90 jaar, elk jaar waargenomen en werd er al meermaals voortplanting vastgesteld.

 

Waarnemingen

 

RivierromboutM RobertPieters

mannetje
@Robert Pieters

 

Verspreiding in België (2006)

Uiterst zeldzaam. In de zomers van 2000 en 2001 werd G. flavipes waargenomen op enkele plaatsen langs de Grensmaas in de provincie Limburg. Tot op heden betreft het steeds waarnemingen van enkele individuen zonder dat er echter larvenhuidjes gevonden werden. De laatste jaren werd de Rivierrombout ook waargenomen in de Antwerpse Kempen: in 2002 te Geel (langs een spoorweg) en in 2004 langs het Albertkanaal te Herentals.

 

Evolutie van de verspreiding

Van deze soort zijn geen oude waarnemingen uit België gekend. Omdat men er van uit gaat dat het areaal vroeger gans West-Europa omvatte, is het niet onwaarschijnlijk dat de soort hier in vroegere eeuwen aanwezig moet zijn geweest langs onder meer de Schelde en de Grensmaas, de meest geschikte biotopen voor de soort. De waarneming uit 2000 betrof meteen de eerste voor België. Het is te verwachten dat G. flavipes, gezien zijn sterke westwaartse uitbreiding, zich de komende jaren op verschillende plaatsen in Vlaanderen (en Wallonië?) zal vestigen.

 

Habitat

G. flavipes is een typische bewoner van de beneden en middenloop van bij voorkeur brede rivieren. Die rivieren worden gekenmerkt door de aanwezigheid van zand- of grindstranden. Deze zijn nodig voor het uitsluipen van de larven die in de bodem leven. Ook de aanwezigheid van traagstromende tot bijna stilstaande delen van de rivier die te vinden zijn nabij grindbanken en in de zijgeulen, is van belang. Deze soort komt ook voor langs kleine rivieren of grotere beken zoals bv. de Roer in Nederlands Limburg.

 

Rivierrombout RobertPieters

@Robert Pieters

 


@Marc Gorrens 

 

Fenologie

De enkele waarnemingen van de Rivierrombout in België zijn afkomstig uit de periode eind augustus tot begin september. Uiterste data in België zijn 29 augustus en 11 september. Voor de vindplaatsen in Europa wordt een vliegperiode gegeven van begin juni tot oktober.

 

Literatuur

Suhling & Müller (1996), Gubbels (2001).