Bronslibel - Oxygastra curtisii

ln tekstfoto224

Areaal

Het verspreidingsareaal van Oxygastra curtisii is beperkt tot Zuidwest-Europa, vooral Frankrijk, Spanje en Portugal; ze is ook te vinden in Marokko. De meest noordelijk gelegen populaties bevonden zich in Engeland en Nederland, maar zijn daar al lange tijd geleden verdwenen. Langs de noord- en oostgrens van het areaal komt de soort slechts zeer lokaal voor, dit is ondermeer het geval in Noord- Frankrijk, Zwitserland en het uiterste westen van Italië. In Duitsland werd ze, na een afwezigheid van meer dan 50 jaar, langs de rivier de Our teruggevonden, op de grens met het Groothertogdom Luxemburg.

 

Waarnemingen

 

Bronslibel HugoWillocx

mannetje
@Hugo Willocx

 

Verspreiding in België (2006)

Uiterst zeldzaam. Is beperkt tot de middenloop van de Ourthe, grofweg tussen La Roche-en-Ardenne en Barvaux. Op dit moment is dit de meest noordelijk gelegen populatie van deze soort. O. curtisii komt hier vrij schaars in lage aantallen voor. Ondanks gericht zoekwerk werd ze nergens elders meer aangetroffen.

 

Evolutie van de verspreiding

Van O. curtisii zijn er zeer weinig oude gegevens. Uit de 19de eeuw zijn er slechts enkele waarnemingen bekend: 2 exemplaren uit de Limburgse Kempen (Genk), meteen de enige Vlaamse waarneming; en verder nog van de Semois te Botassart, en van de Lesse te Furfooz. Een eerste vermelding voor de Ourthe (Barvaux) dateert van 1927. In de periode 1950-1979 wordt ze enkel gemeld voor de vallei van de Ourthe: Barvaux (1960), La Roche-en-Ardenne (1968) en Hotton (1976). Misschien waren vroeger ook populaties aanwezig langs de Lesse, Semois en in de Kempen, maar dat valt niet af te leiden uit het geringe aantal gegevens. Pas sinds 1989 bestaat er zekerheid over de aanwezigheid van een populatie op de Midden-Ourthe. Het is mogelijk dat de Waalse populaties groter zijn geworden ten gevolge van enkele warme en droge jaren.

 

Habitat

De biotoop van de Bronslibel op de middenloop van de Ourthe omvat vooral de traagstromende delen van de rivier, vaak rivierarmen, die voldoende diep zijn en waarvan de bodem zandig of slijkerig is. Meestal groeien er op de oever bomen, Zwarte els (Alnus glutinosa), Es (Fraxinus excelsior) of wilgen (Salix). Adulten patrouilleren bij voorkeur langs de vrijliggende boomwortels op de oever. Ook komt de soort voor bij een oude afgesneden rivierarm van de Ourthe.

 

Fenologie

De vliegtijd van de Bronslibel gaat van half juni tot half augustus, met een maximum in juli. Uiterste data zijn 17 juni en 15 augustus.

 

Literatuur

Lameere (1900), Dumont (1977), Goffart (2000a).