Tijdschrift GOMPHUS - Inhoudstafel van 20 jaargangen / 1984 - 2004

Joost Reyniers — Verspreidingsonderzoek van libellen in Klein-Brabant (provincie Antwerpen) - Gomphus 2000 volume 16 nr 1 p 5

Deze studie brengt de resultaten van een libelleninventaris in de jaren 1996 en 1997 waarbij de meeste kilometerhokken in de gemeenten Bornem, Puurs en Sint-Amands werden bezocht. Deze gegevens werden aangevuld met oudere gegevens die teruggaan tot 1983, en recente waarnemingen uit 1998 en 1999. De waarnemingen beslaan tellingen van imago's en aanwijzingen voor voortplanting (eiafzetting, exuvia ...).

 

Harry Mardulyn — Évolution des populations d'Odonates dans la réserve naturelle du Bec du Feyi, en Ardenne - Gomphus 2000 volume 16 nr 1 p 37

Evolutie van de libellenpopulaties in het reservaat Bec du Feyi. Sinds de oprichting van het reservaat van Bec du Feyi in de Ardennen werden de libellenpopulaties systematisch gemonitord in het kader van SURWAL en ISB, dewelke gefinancierd worden door het Waals Gewest. In zeven seizoenen werden 25 soorten waargenomen. De opvallende stijging van het aantal soorten per jaar sinds 1993 is mogelijks het gevolg van bescherming en beheer in het gebied. Mogelijke oorzaken van populatiefluctuaties bij een aantalsoorten worden besproken.

 

Robby Stoks — De Bruine Korenbout (Libellula fulva) in Vlaanderen in de jaren '90: vooruitgang of status quo ? - Gomphus 2000 volume 16 nr 1 p 49

De Bruine Korenbout is met uitsterven bedreigd in Vlaanderen. Tijdens de periode 1996-1999 was er echter een opvallende toename in zowel het aantal waarnemingen als in het aantal vindplaatsen. Analyse van deze nieuwe data leerde echter dat de meeste nieuwe sites heel dicht bij de al bekende vindplaatsen in de regio's Klein-Brabant en Noordoost-Limburg lagen. Verder zijn op de meeste sites geen aanwijzingen voor lokale reproductie en zijn de wel aangetoonde lokale populaties steeds klein. De toename in aantal observaties wijst dus waarschijnlijk niet op een toename van de soort zelf in Vlaanderen, m.a.w de Rode lijst-status van de soort is waarschijnlijk ongewijzigd. Naast populaties in de twee regio's zijn er aanwijzingen voor een populatie ten noorden van Antwerpen. In België schijnt de soort een breed habitatspectrum te hebben met een voorkeur voor stilstaand water in de regio Klein-Brabant en voor stromend water in de regio Noordoost-Limburg. De schijnbare verschillen in habitatvoorkeur van de soort tussen landen, de mogelijke redenen hiervoor en de potentiële consequenties hiervan worden bediscussieerd.

 

Thierry Paternoster — Implantation récente du Sympetrum à nervures rouges (Sympetrum fonscolombii (Selys, 1840)) dans le bassin de la Haine - Gomphus 2000 volume 16 nr 1 p 61

Recente vestiging van Sympetrum fonscolombei in het Haine-bassin. Sinds 1996 werden in 3 belangrijke wetlands in het Haine-bassin (het moeras van Harchies-Hensies-Pommeroeul, het erkend natuurreservaat van Thieu en een oude groeve te Villerot) herhaaldelijk groepjes adulten van Sympetrum fonscolombei waargenomen. De eerste teneral van deze soort werd in september 1999 gevonden in Thieu, getuigend van succesvolle voorplanting. Deze zuidelijke soort, tot voor kort als zeldzaam beschouwd in Wallonië, blijkt ondertussen ingeburgerd in deze Henegouwse regio.

 

Kristof Vlietinck — Monitoring van de libellenfauna van het Boerenven in de Kalmthoutste Heide in 1999 - Gomphus 2000 volume 16 nr 1 p 69

In de periode mei tot en met september werd op wekelijkse basis de libellenfauna onderzocht van het Boerenven in de Kalmthoutse Heide. Het Boerenven is een klein vennetje met vrij veel watervegetatie dat het hele jaar door water bevat. Er werden tien verschillende soorten libellen waargenomen. Twee soorten die talrijk aanwezig waren, Enallagma cyathigerum en Coenagrion puella, komen niet op dezelfde tijdstippen voor. Van acht soorten werd de voortplanting meerdere malen waargenomen.

 

Jan Soors — De Bandheidelibel (Sympetrum pedemontanum) in Vlaanderen - Gomphus 2000 volume 16 nr 1 p 75

In de zomer van 1999 werden er in het Bos van Aa te Zemst (Vlaams-Brabant) verschillende dieren waargenomen van de Bandheidelibel (Sympetrum pedemontanum). Gezien de hoge aantallen vermoeden we dat het om een populatie zou kunnen gaan. Naar aanleiding van deze waarnemingen schetsen we de evolutie van de verspreiding van deze soort in Vlaanderen. We gaan na in welke mate de biotoopvoorkeur die in de literatuur wordt vermeld, overeenkomen met de habitatkeuze in het Bos van Aa. Het is duidelijk dat Sympetrum pedemontanum de laatste jaren zijn noordwestelijke grenzen aan het verleggen is en dat dit niet (alleen) te wijten is aan het toenemend aantal libellenwaarnemers. Alles wel beschouwd, heeft er zich voorlopig in Vlaanderen -buiten de Antwerpse oostelijke Kempen- op nog maar enkele plaatsen een nieuwe populatie gevestigd. Mogelijk wordt het Bos van Aa één van die gebieden.

 

Philippe Goffart — Compte-rendu des observations d'espèces prioritaires d'Odonates en Wallonie durant la saison 1999, dans le cadre du programme d'Inventaire et Surveillance de la Biodiversité (ISB) - Gomphus 2000 volume 16 nr 1 p 85

Rapport over de prioritaire libellensoorten in Wallonië gedurende het vliegseizoen 1999, in het kader van het "Biodiversity Survey and Monitoring" programma. Dit rapport geeft een overzicht van de waarnemingen in 1999 door medewerkers van de werkgroep Gomphus over de prioritaire soorten, aangeduid in het programma"Biodiversity Survey and Monitoring" in Wallonië omwille van hun zeldzaamheid of achteruitgang. Meteen geeft het ook een overzicht van de zeldzamere zuidelijke soorten die naar het noorden blijken op te rukken. Nieuwe voortplantingsplaatsen van volgende soorten werden ontdekt: Sympecma fusca, Lestes dryas, Coenagrion pulchellum, Gomphus vulgatissimus, Onychogomphus forcipatus, Oxygastra curtisii, Somatochlora arctica, Libellula fulva en Orthetrum coerulescens. De voortuitgang van een aantal zuidelijke soorten werd bevestigd, in het bijzonder voor Coenagrion scitulum, Anax parthenope en Sympetrum fonscolombii: ernstige aanduidingen voor voortplanting bestaan nu voor de eerste twee soorten en nieuwe bewijzen voor de derde soort.

 

Geert De Knijf & Heidi Demolder — Een populatie van Coenagrion mercuriale in de Gaume (Belgisch Lotharingen) - Gomphus 2000 volume 16 nr 2 p 115

In juni 2000 werden er in de Gaume zowel een populatie ontdekt van Coenagrion mercuriale als van Libellula fulva. Van beide soorten waren tot dan slechts twee, respectievelijk drie populaties bekend in Wallonië. Wij vermoeden dat beide soorten zich de laatste jaren vanuit Noord-Frankrijk in de regio hebben gevestigd, maar het valt niet uit te sluiten dat beide soorten hier reeds lang aanwezig waren en over het hoofd werden gezien. Het bijzonder goede warme voorjaar van 2000 heeft er waarschijnlijk toe bijgedragen dat de aantallen dieren in de populatie van beide soorten groter waren dan voorgaande jaren, waardoor de kans om ze waar te nemen stijgt. Vermoedelijk zijn van beide soorten nog meerdere populaties te vinden in één of meerdere van de talloze gelijkaardige beekvalleien.

 

Hugues Titeux — Les Odonates de la réserve de Ben-Ahin (vallée de la Meuse): bilan des relevés de 1993 à 2000 - Gomphus 2000 volume 16 nr 2 p 123

De libellen van het reservaat van Ben-Ahin (Maasvallei) tussen 1999 en 2000. Gedurende 8 opeenvolgende seizoenen werden op de site van Ben-Ahin (Huy) 29 soorten geobserveerd. Bij 20 soorten werden voortplantingsaanwijzingen gevonden. Vier in Wallonië sterk bedreigde soorten (Sympecma fusca, Ceriagrion tenellum, Brachytron pratense en Libellula fulva) planten er zich voort. De reservaatsstatus en het beheer van een deel van het gebied bevorderen het behoud van de eerder kleine populaties.

 

Robby Stoks & Geert De Knijf — De Bruine korenbout (Libellula fulva) in Vlaanderen in 2000: hoop voor een met uitsterven bedreigd buitenbeentje ? - Gomphus 2000 volume 16 nr 2 p 131

Na de toename van het aantal waarnemingen in de tweede helft van de jaren 90 in Vlaanderen zette de Bruine korenbout met volle overtuiging deze trend voort in 2000. In totaal werden er meer dan 1.600 dieren geteld, gespreid over 13 vindplaatsen. In de regio Noordoost-Limburg werden er op drie sites telkens één enkel solitair vrouwtje gezien en op één site een 100-tal dieren. De bekende populaties in Klein-Brabant, namelijk Fort van Walem, Kleiputten van Niel en Grote Wiel te Wintam daarentegen deden het zeer goed met telkens waarnemingen van meer dan 100 dieren. Opvallend was dat meer dan 60% van de waarnemingen geconcentreerd was in drie nieuw ondekte populaties in de Scheldepolders van het Waasland. Een kernpopulatie bevond zich aan de Rupelmondse Kreek met meer dan 150 dieren op verschillende data. De andere twee grote populaties van het Waasland zaten aan het Paviljoen te Bazel (meer dan 60 dieren) en de Steenbakkerij te Steendorp (meer dan 30 dieren). Deze populaties vormen samen met de populaties uit Klein-Brabant de regio Rupel-Scheldepolders. De gegevens uit 2000 bevestigen het feit dat de Bruine korenbout een buitenbeentje is binnen de Rode lijst categorie "Met uitsterven bedreigd" doordat er in Vlaanderen grote populaties van gekend zijn die bovendien habitatten met vis prefereren. Door de toename in het aantal waarnemingen is het dan ook niet te verwonderen dat een heranalyse van de Rode lijst-status suggereert dat de soort nu als "Bedreigd" moet beschouwd worden in Vlaanderen.

 

Philippe Goffart — Statut des espèces prioritaires d'Odonates du programme "Inventaire et Surveillance de la Biodiversité en Wallonie": bilan décennal (1990-1999) - Gomphus 2000 volume 16 nr 2 p 139

Status van de prioritaire libellensoorten uit de "Inventaire et Surveillance de la Biodiversité" in Wallonië : balans 1990-1999. Dit artikel geeft een erg beknopte balans van de toestand van de 21 in Wallonië als prioritaire soorten beschouwde libellen. Ook de gegevens van 2000 werden erin verwerkt. Alle informatie wordt weergegeven in overzichtstabellen. Van deze prioritaire soorten zijn er zeker 4 achteruitgegaan, en vermoedelijk nog 6 andere (= 48%). Eén soort (Aeshna isosceles) is in deze tijdspanne vermoedelijk verdwenen uit Wallonië. De andere soorten blijken stabiel of sommige misschien in expansie. Verder worden in de tabellen per soort weergegeven : de biogeografische regio's, de habitats, het aantal populaties tijdens dit laatste decennium, bedreigingen en de aangewezen beschermingsmaatregelen.