Tijdschrift GOMPHUS - Inhoudstafel van 20 jaargangen / 1984 - 2004

Bart Vercoutere — De Weidebeekjuffer (Calopteryx splendens) in het Dijleland: een nieuwkomer ? - Gomphus 2003 volume 19 nr 1 p 3

In Vlaanderen is de Weidebeekjuffer (Calopteryx splendens) eerder zeldzaam. Tot in een recent verleden was dit in de vallei van de Dijle ook zo. Sinds korte tijd komt de soort echter weer talrijk voor ten zuiden van Leuven. Dit artikel beschrijft de historiek van de recente uitbreiding. Door na te gaan welke habitats aan kwaliteit gewonnen hebben wordt getracht de drijvende kracht achter deze uitbreiding te duiden.

 

Bernard Van Elegem & Geert De Knijf — Een bijzondere libellenpopulatie in de polder van Kruibeke, Bazel en Rupelmonde (Oost-Vlaanderen) - Gomphus 2003 volume 19 nr 1 p 13

De polder van Kruibeke, Bazel en Rupelmonde is één van de grotere open gebleven gebieden in de Scheldevallei. In 2000, vooral in het voorjaar en in mindere mate in de zomer, werd dit gebied op de aanwezigheid van libellen onderzocht. In totaal werden 22 soorten libellen waargenomen, waaronder 4 Rode lijstsoorten: Brachytron pratense, Libellula fulva, Cordulia aenea en Erythromma najas. De aanwezigheid van deze soorten wijst op een libellengemeenschap die kenmerkend is voor een laagveengebied. Van Libellula fulva werden naar Vlaamse normen grote aantallen waargenomen, waardoor de polder één van de belangrijkste gebieden voor deze soort in Vlaanderen is. Gezien het gering aantal bezoeken in de zomermaanden vermoeden we dat nog verschillende soorten kunnen gevonden worden, met name uit de genera Aeshna en Sympetrum.

 

Marc Tailly — Eenjarige ontwikkeling bij Platbuik (Libellula depressa) in België - Gomphus 2003 volume 19 nr 1 p 31

Eénjarige ontwikkeling bij Libellula depressa in België werd aangetoond in een kleine, nieuwe tuinvijver.

 

Wouter Vanreusel & Joeri Cortens — Uitzonderlijk vroege waarnemingen van de Gewone bronlibel (Cordulegaster boltonii) - Gomphus 2003 volume 19 nr 2 p 51

Tijdens veldwerk in het oosten van Vlaanderen observeerden we Cordulegaster boltonii op verschillende locaties in het Nationaal Park Hoge Kempen. Verschillende observaties gebeurden vroeg op het jaar. In 2003 was de eerste waarneming reeds op 7 mei. Dit is meer dan 3 weken vroeger dan de vroegste gekende waarneming in België, Duitsland en Nederland. Dit is uitzonderlijk aangezien de fenologie van libellen meestal vrij constant is. Het kan interessant zijn om in de lente meer aandacht te schenken aan deze soort.

 

Geert De Knijf & Heidi Demolder — De Vroege glazenmaker (Aeshna isoceles) in Wallonië: eerste waarneming sedert 1993 - Gomphus 2003 volume 19 nr 2 p 65

Op 8 juni 2003 werden 3 territorium verdedigende mannetjes van de Vroege glazenmaker (Aeshna isoceles) gezien in de Vallei van Laclaireau te Buzenol (Lorraine, België). Dit was meteen de eerste waarneming van deze Rode lijstsoort in Wallonië sedert 1993 en de allereerste voor de Lorraine. De biotoop bestaat uit een serie van 5 in elkaar overlopende vijvers met een goed ontwikkelde oevervegetatie van ondermeer Riet (Phragmites australis), lisdodde (Typha) en zeggen (Carex). Vermoedelijk betreft het een kleine populatie die hier pas vrij recent kan aanwezig zijn. Kolonisatie is hoogstwaarschijnlijk afkomstig van dieren uit Noordoost-Frankrijk, waar de soort sedert 1990 aan een forse uitbreiding bezig is. Deze vindplaats te Buzenol zou dan meteen de enige Waalse populatie van Aeshna isoceles zijn.

 

Luc Meuris — Na zeer lange afwezigheid terug Glassnijder (Brachytron pratense) in de Damvallei - Gomphus 2003 volume 19 nr 2 p 73

Op 19 juni 2002 werd in het laagveengebied van de Damvallei (Laarne, Oost-Vlaanderen) een mannetje Brachytron pratense waargenomen. De vorige waarneming dateert van 73 jaar eerder. Ook uit de andere laagveengebieden langs de Schelde in Vlaanderen zijn recente waarnemingen van de Glassnijder gerapporteerd. De libel lijkt in opmars te zijn in de Scheldevallei. Een gelijkaardige tendens van uitbreiding is de laatste jaren ook in onze buurlanden genoteerd. Waarschijnlijk gaat het in dit geval om een zwerver waarvan de herkomst onduidelijk blijft, maar om vast te stellen of er in de gehele Vlaamse Scheldevallei populaties bestaan, zou er in de buurt van de recente waarnemingsplaatsen doelgericht gezocht kunnen worden naar larvenhuidjes.

 

Frank Van de Meutter — 150 jaar libellengeschiedenis in de Maten (Genk): een reis doorheen de tijd - Gomphus 2003 volume 19 nr 2 p 79

Aan de hand van een uitgebreide set van historische gegevens wordt de evolutie van de libellenpopulatie van het natuurreservaat "de Maten" (Genk) gereconstrueerd. Deze gegevens worden vervolgens getoetst aan de actuele gegevens van de libellenfauna in de Maten. Overheen de gehele periode zijn 54 soorten libellen vastgesteld in het reservaat. In de loop der jaren zijn hiervan maar liefst 18 soorten verdwenen, de meeste vóór 1960. Recent zijn er ook 3 nieuwe soorten vastgesteld. Het betreft soorten die waarschijnlijk niet al te kritisch zijn in hun habitatvereisten. Tenslotte wordt kort het actuele voorkomen besproken van enkele rode-lijstsoorten die nog in het gebied gedijen.