Nieuws

 2 juli 2019

zadellibel erik moonen

De zadellibel is een van de soorten die, net als vogels, duizenden kilometers kan afleggen. Tot een paar jaar geleden werd deze Afrikaanse soort slechts uiterst zelden gezien in Vlaanderen. Sinds begin juni is er een duidelijke invasie van deze soort en werd voor de eerste keer ooit ook paring en ei-afzet waargenomen op heel wat plaatsen in België.

In het najaar van 2018 werd de zadellibel vrij veel langs de kust waargenomen. Sinds begin juni dit jaar zijn er al honderden waarnemingen van tientallen locaties van de kust tot aan de Maas in Limburg. En erg kieskeurig lijken ze deze keer niet te zijn. Er werden al zadellibellen gezien in natuurgebied, agrarisch gebied en zelfs het stadspark in de Antwerpse binnenstad. Ook op een aantal locaties in Wallonië en Nederland.

Voor de eerste keer ooit werd er op een twintigtal locaties ook paring en ei-afzet van de zadellibel waargenomen in Vlaanderen. De zadellibel is een soort die zowat overal in Afrika en in Zuidwest-Azië voorkomt waar ze gebruik maakt van tijdelijke leefgebieden: overstroomde weilanden en ondiepe plassen, die vaak slechts tijdelijk water bevatten en waar geen vis in zit. Door het tijdelijke karakter van de voortplantingsbiotoop, is de zadellibel genoodzaakt om steeds op zoek te gaan naar geschikt leefgebied en kan ze daarom ook enorme afstanden afleggen.

Voortplanting
De zadellibel heeft een heel snelle larvale ontwikkelingstijd: zo volstaan 100 dagen om van ei naar larve te gaan en uit te sluipen. Het belangrijkste is dat het water visvrij en ondiep is, waardoor het snel kan opwarmen en dit een hoge productie van dierlijk plankton mogelijk maakt waarmee ze zich voedt. Als het meezit kunnen we al tegen begin september de eerste zadellibellen van ‘eigen kweek’ kunnen zien opduiken. Het loont dus zeker de moeite om op die locaties, waar nu ei-afzet werd genoteerd, eind augustus en september te gaan kijken naar pas uitgeslopen zadellibellen of nog beter op zoek te gaan naar larvenhuidjes. Dat zijn de harde vervellingshuidjes die achterblijven na het uitsluipen van het volwassen dier aan de waterkant.

Heb je zelf een zadellibel gezien?
Voer ze zeker in op www.waarnemingen.be. Let wel op: er vliegen momenteel nog andere (veel algemenere) libellen rond, zoals de grote keizerlibel of de minder algemene zuidelijke keizerlibel die een gelijkende blauwe tekening heeft op het begin van het achterlijf. Eén van de kenmerken is dat beide keizerlibellen volledig groene ogen hebben, terwijl die van de zadellibel bruin zijn. Ook geeft de zadellibel een bijna volledige lichtbruine tot gele indruk. Ondanks de invasie blijft de zadellibel ook nu nog een buitengewoon zeldzame soort. Neem dus zeker een foto als je er één ziet en meld het op www.waarnemingen.be, zodat de determinatie door libellenexperts kan worden bevestigd.

Tekst: Geert De Knijf (INBO & Libellenvereniging Vlaanderen) en Hannes Ledegen (Natuurpunt Studie)

Foto: Erik Moonen (Libellenvereniging Vlaanderen)

Foto: Ei-afzettend paar van de zadellibel (Hemianax ephippiger)